Maarten van Tours
maarten van tours
De man achter de Martinuskerk in Markelo
Een jonge romeinse soldaat
Het was een bitterkoude winterdag bij de stadspoort van Amiens. Een jonge Romeinse soldaat te paard keek neer op een naakte bedelaar die rillend in de kou zat. Geen van de voorbijgangers sloeg acht op de man. Maar de soldaat – Maarten, pas vijftien jaar oud en al ver van huis – kon niet verder rijden.
Hij trok zijn zwaard en sneed zijn mantel doormidden. De helft was eigendom van Rome, maar zijn eigen helft gaf hij zonder aarzelen aan de bedelaar. Die nacht droomde Maarten dat de bedelaar Jezus zelf was geweest, die zei: „Ik was naakt en gij hebt Mij gekleed.” Die droom veranderde alles.
Een leven vol keuzes
Maarten was geboren rond 316 in Savaria, in het huidige Hongarije, als zoon van Romeinse ouders. Zijn leven had er heel anders uit kunnen zien – een militaire carrière, roem en eer onder de adelaar van Rome. Maar hij koos een ander pad.
Als tiener liet hij zich al dopen, tegen de wil van zijn ouders in, en op zijn negentiende werd hij duivel uitdrijver. Hij trok zich terug als kluizenaar op het eiland Gallinaria bij Genua, ver van het wereldse geweld. Later stichtte hij het eerste klooster op Franse bodem, bij Poitiers.
Martinus van Tours
Op Sint-Maarten is het kunstwerk van de patroonheilige van de Martinuskerk onthuld
De bisschop die zich verstopte
In 371 kozen de inwoners van Tours hem tot hun bisschop. Maarten vond zichzelf niet waardig voor zo’n ambt en verstopte zich, van alle plekken, in een ganzenhok. Zijn plannetje mislukte jammerlijk: de opgewonden ganzen maakten zoveel kabaal dat zijn schuilplaats meteen ontdekt werd. Zo werd hij, ondanks zichzelf, bisschop.
Als bisschop reisde hij het land door, stichtte kerken en kloosters, en streed voor gewone mensen. Hij trok zelfs naar keizer Maximus in Trier om een van zijn gelovigen te redden van een onrechtvaardige terechtstelling – een moedige stap, al mocht het niet baten.