Beleidsplan 2017-02-12T18:28:43+01:00
[—ATOC—] [—TAG:h1—]

 

Protestantse gemeente te Markelo

 

Protestantse gemeente te Markelo
Beleidsplan 2010 – 2014

‘MARTINUSVISIE’

Voor ZWO en Jeugd- en jongerenwerk zijn aparte beleidsplannen beschikbaar.
Voor de redactie van het kerkblad wordt verwezen naar het redactiestatuut.
Maak gebruik van de PDF pagina om het document te printen.

1. VISIE OP GEMEENTE-ZIJN

Jezus zegt: “Komt tot mij, allen, die vermoeid en belast zijt en ik zal u rust geven want mijn juk is zacht en mijn last is licht” (Matth. 11: 28 en 29). Deze grondgedachte van dienstbaarheid willen wij, in de verbondenheid met de Heer der kerk graag onderstrepen. Verder willen wij dienstbaar zijn aan allen die aangeven zich verbonden te voelen met het Woord van Jezus Christus, die zelf de minste der mensen wilde zijn, en met de kerk. Onze gemeente wil in diaconaat, pastoraat, jeugd- en ouderenwerk, beleid en beheer een rustplaats zijn voor de velen die in onze tijd zoeken naar rust en geborgenheid, zo dat zoveel mogelijk mensen zich thuis voelen in onze gemeente.
Maar wij willen meer. Wij willen mensen ook, vanuit pastoraat en prediking en de dienst van de naastenliefde, de weg helpen zoeken in deze onvolmaakte wereld. Dit kan nooit anders dan met vallen en opstaan, maar in die onvolmaaktheid kan worden geleerd en kunnen wij elkaar steunen en elkaar stimuleren. Samen leven en geloven is een voortdurend leerproces, waardoor mens en wereld uiteindelijk beter tot hun recht kunnen komen. Op dit fundament van de dienstbaarheid bouwen wij aan de kerk des Heren, waarbij wij de volgende hoekstenen van essentieel belang achten:

De kerk is vooral een “gemeenschap des Heren”, wanneer zij haar dienstbaarheid belijdt en ervaart in de openbare viering van de dienst van Woord en Sacrament.

De kerk is een gemeenschap die wijst op de verantwoordelijkheid van elk gemeentelid afzonderlijk in het bouwen aan die gemeenschap. Daarbij zal de gemeente gebruik maken van de afzonderlijke gaven en talenten die ieder lid van Godswege heeft ontvangen. De ambtsdragers zijn mede geroepen tot de toerusting van deze gaven en tot het stimuleren en motiveren van gemeenteleden in het gebruik van hun talenten ten dienste van de gemeenschap. Christenen leven in een fundamentele en principi”le ontevredenheid met de gegevenheden van deze wereld en leggen zich niet neer bij de wetten en wetmatigheden die mens en natuur knechten en misbruiken. Zij stellen daar tegenover en dragen uit het verhaal van heil en heelheid, dat door Jezus Christus is verwoord en uitgedragen en belijden in zijn spoor daaraan hun bijdrage te leveren.

Binnen onze visie op gemeenschappelijkheid en dienstbaarheid, willen wij als gemeente ieder lid uitdrukkelijk de gelegenheid geven zijn of haar geloof op eigen wijze te beleven en uit te dragen tot opbouw van de gemeente.

In beleidsplannen gaat het er altijd om, te komen tot een levende en aantrekkelijke gemeente, een gemeente die wat voorstelt, elan heeft en behalve een schuilplaats ook een werkplaats is. Wij zijn er echter van overtuigd, dat van al onze plannen en voornemens niets terecht kan komen, als achter de begrippen vieren, leren en dienst niet gevonden worden: “geloof”, “hoop” en “liefde” (1 Kor. 13: 13b).

1.1 Beleidsvoornemen

De gemeente in Markelo wil in al zijn geledingen een open en gastvrije gemeente zijn. Die gastvrijheid zal bij voorbeeld tot uiting gebracht worden door het welkom heten in de kerkdienst en de open deelname aan het Heilig Avondmaal.

De kerkenraad kan en wil haar maatschappelijke verantwoordelijkheid niet uit de weg gaan en zal een visie formuleren ten aanzien van maatschappelijke vraagstukken. Daarbij wordt gedacht aan pastorale en diaconale aspecten van zaken als werkloosheid, de zorgproblematiek, verslavingszorg, milieuproblematiek, enz.

 

2. KERKDIENSTEN

2.1 Situatieschets

De eredienst is het hart van de gemeente, dat klopt voor de hele gemeente. Het woord vanuit de Bijbel dient centraal te staan en via verkondiging, gezang, gebed en in de ruimte voor persoonlijke beleving toepassing te krijgen. De gemeente beschikt niet over een hoge theologische kennis en vindt “wetenschappelijke” benadering van het geloof niet het belangrijkste. Zij verlangt een eenvoudige prediking, gericht op het dagelijks leven. Ook de liturgische belangstelling van de meerderheid van de gemeenteleden is betrekkelijk gering.

De kerkdiensten in Markelo hebben een “open” karakter. Wij streven ernaar voor jong en oud aansprekend te zijn. De kindernevendienst (zie Jeugdwerkbeleidsplan), liturgische vorm, jeugd- en gezinsdiensten en de recreatiediensten moeten zorgen dat dit open karakter van de kerkdiensten behouden blijft en verder bevorderd wordt. Ook andere muzikale bijdragen dan die van het kerkorgel kunnen daarin betrokken worden, daarbij kan gedacht worden aan wisselzang, de betrokkenheid van een koor of het gebruik van diverse muziekinstrumenten.

Het beleid om in de behoefte van een aantal kerkdiensten in de buurtschappen te voorzien zal worden gecontinueerd: 4 diensten in Stokkum (waarvan 2 i.s.m. de zondagsschool), 3 diensten in Elsen (waarvan 1 i.s.m. de zondagschool) en 2 diensten in Markelosebroek (op biddag en op dankdag). Drie maal per jaar zal er een speciale gezinsdienst zijn, waarvan 1 t.g.v. het afscheid van de zondagschool. Verder zijn er vier themadiensten waarvoor een commissie de voorbereidingen doet.

In het vorige beleidsplan werd als voornemen de opzet van een vervoersdienst t.b.v. minder mobiele gemeenteleden genoemd, dit bleek niet nodig, op informele wijze werd in de behoefte voorzien.

Rondom de kerkdiensten bestaat een goede gelegenheid tot ontmoeting en onderling pastoraat. Wij stimuleren dit door regelmatig samen koffie te drinken. In het zomerseizoen elke week en verder na bijzonder diensten (doopdienst, bevestigingsdienst, e.d.)

De ervaringen met de “Open kerkdagen” op donderdagmorgen in het zomerseizoen en met de “huiskamer” in de Martinushof op de andere donderdagochtenden zijn positief, deze aanpak zal worden voortgezet.

2.2 Beleidsvoornemens

De kerkenraad wil de eventuele wijziging in het liturgisch centrum aangrijpen om voorlichting over liturgie in bredere zin te geven, er wordt een werkgroep gevormd die dat oppakt. Mogelijke thema”s zijn: informatie over het nieuwe liedboek, over antependia etc (zie ook punt b).

Er wordt gezocht naar methodes om de belangstelling voor en de kennis van theologie, kerkgeschiedenis e.d. in de gemeente te vergroten. Daarbij zullen diverse middelen worden benut: preek, kerkblad, gespreksgroepen, thema-avonden en gemeenteavonden.

Vooruitlopend op het beschikbaar komen van een nieuw liedboek zullen liederen uit de bundel “Tussentijds” worden gezongen, die in voorkomende gevallen afgedrukt zullen worden in de liturgie of anderszins aan de gemeente beschikbaar worden gesteld.

Met de koren zal worden overlegd in hoeverre er vaker van een optreden in een gewone kerkdienst sprake kan zijn.

De actieve deelname van een of meerdere gemeenteleden in de kerkdiensten zal worden bevorderd, met name waar het om Bijbellezing gaat (inzet van lectoren).

3. ORGANISATIE VAN DE BELEIDSORGANEN

3.1 Kerkenraad

In de Protestantse Kerk in Nederland bestaat een organisatiestructuur, die uitgaat van een gelijkwaardigheid van alle organen en raden ” “de een heerse niet over de ander..”. Dit betekent echter niet dat de organisatie eenvoudig in elkaar zit, er is sprake van ambten met daarbij horende taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden, dat geldt ook voor commissies en werkgroepen

3.2 Samenstelling

De kerkenraad bestaat uit: 15 ouderlingen, waarvan 3 met bijzondere opdracht (voorzitter kerkenraad, scriba en jeugdouderling), 8 diakenen, 5 ouderlingen met taak kerkrentmeester en 2 predikanten.

3.3 Werkwijze

De kerkenraad is het belangrijkste bestuursorgaan van de gemeente, waarin beleid en pastoraat de pijlers zijn. Onze kerkenraad komt volgens een door de scriba vastgesteld vergaderschema bijeen. Aan de orde zijn zowel lopende zaken van de gemeente als die zaken waarbij visie en beleid op de lange(-re) termijn gevraagd is. Jaarlijks kan de kerkenraad een of meer gemeenteavonden beleggen om inhoudelijke en bestuurlijke zaken met gemeenteleden te bespreken of ingrijpende beleidsvoornemens uit te leggen dan wel op instemming toetsen.
In de vergaderingen van de gemeente hebben alleen belijdende leden stemrecht, niet-belijdende leden hebben in dergelijke vergaderingen wel spreekrecht.
Naast belijdende leden, kunnen ook doopleden beroepen worden tot een van de ambten der kerk. De bevestiging in het ambt wordt geacht een openbare belijdenis te zijn en het betreffende gemeentelid wordt opgenomen onder de belijdende leden.
De kerkenraadsvergadering zal geen openbaar karakter krijgen. Over de besluiten en de overwegingen daarbij zal openhartig verslag gedaan worden naar de gemeente, zo nodig in de kerkdienst, maar in ieder geval in het kerkblad en op de website.

3.4 Moderamen

Ter voorbereiden van de kerkenraadsvergadering en het uitvoeren van de besluiten kiest de kerkenraad enkele van haar leden tot leden van het moderamen, dat de functie heeft van een dagelijks bestuur. Het moderamen agendeert, maar heeft geen beslissingsbevoegdheid; het kan slechts voorstellen doen aan de kerkenraad.
In onze gemeente bestaat het moderamen uit 6 leden. Het moderamen bestaat uit de voorzitter van de kerkenraad, de scriba, de predikanten, een ouderling-kerkrentmeester en een diaken.

3.5 Commissies van bijstand

De kerkenraad laat zich ter ondersteuning van haar werk, bijstaan door de enkele commissies van bijstand, die werken in opdracht van, onder verantwoordelijk van en in verantwoording aan de kerkenraad.
Elk van de commissies van bijstand maakt jaarlijks haar activiteitenplan aan de kerkenraad bekend, zo nodig met een begroting. De kerkenraad keurt deze plannen vervolgens ” al dan niet becommentarieerd ” goed en ziet toe op de verwezenlijking ervan. Indien van toepassing, overleggen de commissies van bijstand jaarlijks een begroting en overzicht van werkelijke uitgaven aan het college van kerkrentmeesters. Voor de behandeling daarvan geldt dezelfde procedure.
De kerkenraad heeft aan het moderamen gedelegeerd de diverse commissies van bijstand bij toerbeurt in een van haar vergaderingen uit te nodigen om beleid en plannen op elkaar af te stemmen.
De kerkenraad kan (een vertegenwoordiging van) een commissie van bijstand uitnodigen voor overleg in haar vergadering.
De kerkenraad zal het contact met de commissies van bijstand ook onderhouden door een jaarlijkse ontmoeting met alle commissies en hun leden, bijvoorbeeld in de vorm van een nieuwjaarsbijeenkomst.

3.5.a. Commissie open kerkdagen

In de zomermaanden verzorgt de commissie open kerkdagen gedurende een aantal ochtenden de zogenaamde “Open kerk dagen”. Men richt zich daarbij vooral op gasten en vakantiegangers. Ter bezichtiging is de kerk geopend en kunnen belangstellenden kennis nemen van de diverse activiteiten op ons kerkelijk erf. De commissie open kerkdagen nodigt de andere commissies van bijstand en de kerkelijke verenigingen uit om op deze donderdagen acte de pr”sence te geven. De commissie open kerkdagen streeft ernaar elk jaar een ander thema te hebben tijdens de open kerkdagen en de daar tussenin liggende zondagen. Deze commissie onderhoudt de contacten met de kerkenraad via het college van ouderling-kerkrentmeesters.

3.5.b. Commissie Thema Diensten

Op 4 zondagen per jaar verzorgt de Commissie Thema Diensten een bijzondere kerkdienst. E”n van de diensten is een buitendienst in de maand juli in het openlucht theater “K”sterskoele”, een andere gezinsdienst is op kerstavond.

3.5.c. Z.W.O. commissie

Deze commissie houdt zich bezig met het diaconale arbeidsveld van Zending, werelddiaconaat en Ontwikkelingssamenwerking op plaatselijk, regionaal en landelijk vlak. Deze commissie onderhoudt de contacten met de kerkenraad via de diaconie. (zie ZWO beleidsplan)

3.5.d. Kindernevendienst

De kinderen die naar de kindernevendienst gaan, maken een deel van de kerkdiensten mee. Daarnaast zijn ze in de gelegenheid om, in een eigen ruimte, een verwerking te maken die aansluit bij hun eigen beleving van de Bijbelverhalen die in de kerkdienst aan de orde zijn. Twee maal per jaar, met Advent en met Pasen, is er de mogelijkheid een project te doen waardoor ouderen en kinderen samen het geloof kunnen leren delen. (zie ook jeugdwerkbeleidsplan)

3.5.e. Jeugdclub

Op de jeugdclub komen kinderen van 6 tot 12 jaar samen in een groep. Er wordt naar gestreefd groepsvorming te stimuleren. (zie ook jeugdwerkbeleidsplan)

3.5.f. Jeugdkerk

De jeugdkerk is er voor jongeren van 12 tot 16 jaar en streeft ernaar deze jongeren in aanraking te brengen met vraagstukken van geloof en samenleving. (zie ook jeugdwerkbeleidsplan)

3.5.g. Oppasdienst

Er is een oppasdienst voor kleine kinderen om hun ouders in de gelegenheid te stellen de kerkdienst bij te wonen.

3.5.h. Kerkblad redactie

De redactie van het kerkblad werkt in formele zin onder verantwoordelijkheid van de kerkenraad, maar om praktisch en effici”nt te werken is die verantwoordelijkheid vertaald in een hoge mate van zelfstandigheid, vastgelegd in een redactiestatuut. (zie ook onder kerkrentmeesters)
Het kerkblad, dat huis aan huis wordt verspreid, en de website zijn als het ware de visitekaartjes van de kerk naar de buitenwereld en vervullen zo een missionaire taak.

3.5.i. Protestantse Vrouwen Dienst (P.V.D.)

De Protestantse Vrouwen Dienst vervult tal van hand- en spandiensten op het kerkelijk erf, maar heeft vooral een pastorale taak in de vorm van huisbezoek aan oudere, langdurig zieke, kwetsbare of eenzame gemeenteleden. Ook verzorgt de P.V.D. de maandelijkse zangavond op Woonzorgcentrum Anholtskamp, een kerstviering op dezelfde locatie en, in samenwerking met de diaconie twee Avondmaalsvieringen, namelijk op Goede Vrijdag en in het najaar.

3.5.j. Commissie liturgisch centrum

Deze commissie buigt zich over voorstellen m.b.t. het liturgisch centrum. In een vervolg zou aan een nieuwe taak betreffende voorlichting over liturgische zaken gedacht kunnen worden.

3.5.k. Huiskamergroep

Op de donderdagochtenden is de “huiskamer” in de Martinushof een plek voor ontmoeting en gesprek. Op “Openkerkdagen” is dat in de kerk.

3.6. Organisaties met een relatie tot de kerk

Naast deze commissies, kent onze gemeente een aantal kerkelijke verenigingen. Deze verenigingen richten zich in hun activiteiten vooral op de leden van de gemeente, maar zijn in de uitvoering van hun beleid autonoom.
Voor bepaalde activiteiten wordt vanuit de kerk, via het college van kerkrentmeesters, financiële steun gegeven.

3.6.a. Markelo”s Kerkkoor

Het Markelo”s Kerkkoor verzorgt in overleg met de kerkenraad en/of door de kerkenraad gemandateerden medewerking aan kerkdiensten.

3.6.b. Koor Enjoy

Het koor Enjoy verzorgt in overleg met de kerkenraad en/of door de kerkenraad gemandateerden medewerking aan kerkdiensten.

3.6.c. Fancy Fair Commissie

Jaarlijks wordt er een Fancy Fair gehouden waarbij de opbrengst is bestemd voor een van te voren vastgesteld doel, de Fancy Fair commissie verzorgt de organisatie in overleg met het college van kerkrentmeesters.

3.6.d. Zondagsschool (zie ook jeugdwerkbeleidsplan)

De zondagsschool geeft kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar de gelegenheid lerend in contact te komen met kerk en Evangelie. De verantwoordelijkheid voor de inhoud en de overdracht van de stof ligt bij het bestuur van de zondagsschool, dat daartoe geregeld gecoacht wordt door een van de predikanten. Tenminste bij doop- en gezinsdiensten, evenals bij de kerkdiensten in de buurtschappen, zijn de kinderen aanwezig, zodat ook zij in contact kunnen komen met het vierende aspect van het gemeente-zijn. Op Paasmorgen biedt de zondagsschool een paasontbijt aan en met Pinksteren is er een buitendag. Er wordt naar gestreefd dat de kinderen ook in buurtschappen zoals Elsen en Stokkum naar de zondagsschool kunnen gaan.

3.6.e. Hervormde Vrouwen Groep (H.V.G.)

Sinds meer dan vijfenzestig jaar is de H.V.G. actief op het gebied van vorming en ontwikkeling van vrouwen in de gemeente. Daartoe is zij op tal van terreinen actief in het kerkenwerk. Het bestuur bepaalt zelf de frequentie van de bijeenkomsten en de inhoud van de activiteiten en streeft ernaar daar zoveel mogelijk vrouwen mee aan te spreken. Een aandachtspunt voor de (nabije) toekomst, is de vraag hoe de verjonging van het ledenbestand structureel kan worden aangepakt.

3.6.f. Csurg”-commissie

Voor de contacten met haar Hongaarse zustergemeente in Csurg” (zuidwest Hongarije) had de gemeente een commissie van bijstand. In 2009 werd besloten deze relatie tussen de twee gemeenten te be”indigen. Er zijn door die relatie persoonlijke relaties tussen leden van de beide gemeenten ontstaan. Die zullen behartigd blijven door het voormalige orgaan van bijstand, dat zijn werk onafhankelijk van de kerkenraad zal voortzetten. De Csurg”-commissie is ook financieel onafhankelijk.

3.7. Beleidsvoornemens

De kerkenraad wil haar taak doelmatig en doeltreffend uitvoeren en daar waar mogelijk taken delegeren aan commissies van bijstand en met de kerk verbonden organisaties.

Voor de kerkenraad is de vorming en toerusting van kerkenraadsleden, pastoraal medewerkers en gemeenteleden een belangrijk aandachtsveld. De kerkenraad wil hier, indien nodig, externe deskundigheid voor in zetten en deelname aan cursussen en dergelijke in kerkelijk verband stimuleren, o.a. binnen de classis en/of het werkverband van predikanten.

De kerkenraad wil contact zoeken met de raad van kerken en buurgemeenten, mede in verband met het voornemen rond vorming en toerusting.

Er zal op korte termijn een redactiestatuut worden geformuleerd voor de redactie van het kerkblad.

De kerkenraad wil meer aandacht geven aan “public relations”, het kerkblad en de website hebben hierin al een belangrijke functie, maar er zou meer gedaan kunnen worden aan mediaberichten, bijvoorbeeld in de regionale pers en op Maarkelsnieuws.nl.

4. DIACONIE

4.1. Diaconaat

In het diaconaat klopt het hart van de gemeente. Diaconaat zouden wij willen omschrijven als: In verantwoordelijkheid omzien naar de medemens onder goede en slechte omstandigheden, zowel in de gemeente als daarbuiten, lokaal en wereldwijd. De diaconie richt zich in haar beleid deze doelstelling en co”rdineert, initieert en stimuleert activiteiten die daaraan bijdragen en bemoedigt gemeenteleden die zich inzetten voor de medemens, in eigen omgeving of elders.
Om haar doelstelling te kunnen waarmaken, delegeert de diaconie een deel van haar werk aan commissies, een of meerdere leden van de diaconie zijn lid van deze commissies van bijstand. De diaconie draagt (een gedeelte van) de kosten van de ontplooide activiteiten. De diaconie geeft steun aan bepaalde organisaties waarvan de doelstellingen aansluiten op die van de diaconie, daarbij wordt o.a. gebruik gemaakt van advies uit de kerkelijke organisatie (zie paragraaf 4.3).
Ook werkt de diaconie in voorkomende gevallen mee aan activiteiten van de burgerlijke gemeente, daar waar in goed overleg hulp kan worden geboden aan mensen in nood.

4.2. Met de diaconie verbonden

Met de diaconie zijn de volgende commissies van bijstand verbonden: Z.W.O., P.V.D. en de AZC-werkgroep. Voor bepaalde structurele of incidentele activiteiten in de kerk kan financiële steun vanuit de diaconie worden gevraagd, waaronder bijvoorbeeld het bloemenfonds.

<

>4.2.a. ZWO</>

De werkgroep voor ZWO stimuleert de betrokkenheid van de gemeente bij de werkvelden Zending, Werelddiaconaat en Ontwikkelingssamenwerking, die gezien de aard van dat werk geco”rdineerd worden in het landelijk dienstencentrum van de Protestantse Kerk in Nederland door het programma Kerk in Actie.
De werkgroep heeft dat in een eigen beleidsplan nader uitgewerkt. De diaconie stelt dat beleidsplan vast.

4.2.b. Bloemendienst

De bloemendienst, gevormd uit vrijwilligers van de Hervormde Vrouwengroep, verzorgt de bloemengroet na de kerkdienst. In overleg met predikanten wordt bepaald aan wie die bloemengroet wordt bezorgd.
De bloemen worden beschikbaar gesteld door de diaconie.
Tevens verzorgen de bloemendienst de bloemsierkunst in de kerk.

4.2.c. De AZC-werkgroep

De stichting AZC studiefonds werd opgezet vanuit de kerken rondom het asielzoekerscentrum in Markelo:

Caritas, Petrus- en Paulusparochie Goor

Protestantse Gemeente Goor

Hervormde gemeente “Open Hof” Rijssen

Protestantse kerk te Markelo

De bedoeling was te voorzien in onderwijsmogelijkheden voor jongeren in het asielzoekerscentrum die buiten de mogelijkheden vallen die van overheidswege voor vervolgonderwijs worden geboden, met name bij het bereiken van de leeftijd van 18 jaar zouden er problemen ontstaan. In de praktijk bleek aan nadere voorzieningen geen behoefte. Deze werkgroep blijft vooralsnog bestaan, voor het geval er vanwege de kerken in een hulpbehoefte zou moeten worden voorzien.
Kerkasiel: Hoewel wij ingestemd hebben met de mogelijkheid tot het verlenen van kerkasiel zal, wanneer deze situatie zich voordoet, de kerkenraad uiteindelijk een beslissing daarover nemen, zich daarbij richtend op wat hierover in het rapport van INLIA is geschreven.

4.3. Financi”n

De diaconie is verantwoordelijk voor een goed beheer van de aan haar toevertrouwde activa. Doorgaans zijn deze afkomstig uit legaten en schenkingen. De hieruit voortkomende rente- en huuropbrengsten vormen samen met de collecteopbrengsten, de inkomsten waaruit de diaconie haar activiteiten bekostigt. Het beleid van diaconie is erop gericht uitgaven en inkomsten met elkaar in evenwicht te laten zijn. Jaarlijks wordt een begroting opgesteld, die ter goedkeuring aan de kerkenraad wordt voorgelegd. In overleg met de kerkrentmeesters wordt het collecterooster opgesteld, dat wordt vastgesteld door de kerkenraad.
Verzoeken om financiële steun vanuit kerkelijke, christelijke en andere humanitaire instellingen, evenals verzoeken om een bijdrage bij incidentele grootschalige hulpacties en van gemeente leden, die in (financiële) moeilijkheden verkeren, zal de diaconie zo rechtvaardig mogelijk honoreren.

4.4. Groeten aan gemeenteleden

Enkele keren per jaar verzorgt de diaconie een groet van de kerk aan de oudere en/of hulpbehoevende gemeenteleden. De groeten bestaan uit:
Attenties aan gemeenteleden, in de vorm van een bloemengroet bij een verjaardag of huwelijksjubileum. Vanaf hun 80e jaar (en vervolgens elke 5 jaar) ontvangen gemeenteleden deze groet, vanaf hun 90e jaar ontvangen gemeenteleden jaarlijks een bloemengroet. Voor de huwelijksjubilea geldt de ondergrens van 50 jaar en vervolgens elke 5 jaar.
Met Pinksteren krijgen alle Markelose inwoners die verblijven in verzorgings- en verpleeghuizen, en uitwonende gehandicapten een bloemengroet.
Met Dankdag krijgen alle gemeenteleden van 80 jaar en ouder en leden van onze gemeente die in verzorgings-, verpleeg- of ziekenhuizen verblijven een fruitbakje. Hun namen krijgt de diaconie aangeleverd van de predikanten, ouderlingen en pastoraal werkers. Gemeenteleden helpen met het rondbrengen, men kan daartoe zich via een intekenlijst aanmelden. Ook kinderen van de zondagsschool en van de kindernevendienst kunnen hierbij helpen.

4.5. De kerkdiensten

De diaconie werkt actief mee aan de kerkdiensten door:
De inzameling van de collectegelden
De verzorging van het Heilig Avondmaal
Mee rouleren in de afkondigingen voorafgaande aan de zondagse kerkdiensten
Mee rouleren in het uitdelen van de Orde van Dienstboekjes en welkom heten.
Aanwezigheid bij rouw- en trouwdiensten vanuit de kerk.

4.6. Vergaderen

Om haar werkzaamheden te co”rdineren en het beleid af te stemmen, vergadert de diaconie ongeveer eenmaal per maand. Aangezien de diakenen tevens deel uitmaken van de kerkenraad, worden zij geacht ook de maandelijkse kerkenraadsvergadering bij te wonen. E”n van de diakenen maakt deel uit van het moderamen.
Jaarlijks bezoekt een afvaardiging van de diaconie de Provinciale Vergadering en de leden die zitting hebben in de verenigingen en werkgroepen bezoeken de vergaderingen die door hen worden uitgeschreven. Als een uitnodiging wordt ontvangen, bezoeken diakenen ook bovenplaatselijke vergaderingen.

4.7. Beleidsvoornemens

De diaconie zal naast het voortzetten van de huidige activiteiten meer aandacht geven aan eventuele nood in de gemeente; temeer omdat er van hulp aan “minima” tot nu toe geen sprake is, anders dan symbolische hulp via de burgerlijke gemeente, hierbij valt te denken aan de toenemende zorg en aandacht voor probleem- en crisissituaties die ten gevolge van maatschappelijke en sociale omstandigheden kunnen ontstaan.

De diaconie wil de inzet van vrijwilligers in sociaal-maatschappelijke activiteiten bevorderen en daar waar nodig die activiteiten ondersteunen, moreel en indien gewenst en mogelijk ook financieel.

De diaconie wil een beleid ontwikkelen op basis waarvan hulpaanvragen van organisaties buiten kerkelijk verband beoordeeld kunnen worden. Voor steun aan activiteiten buiten Nederland zal indien nodig de ZWO-commissie om advies worden gevraagd. Daarbij zal ook gezocht worden naar mogelijkheden om in te spelen op noodhulpaanvragen van Kerk in Actie.

5 PASTORAAT

5.1. Visie op pastoraat

Onder pastoraat verstaan wij: Omzien naar elkaar in de gemeente van Christus, en elkaar ontmoeten in de meest brede zin van het woord. Wij zijn immers met elkaar verbonden als de ledematen van een lichaam, als de leden van een gezin. Pastoraat is aandacht hebben voor elkaar, er zijn voor de ander. Dit is niet iets van de predikant of de kerkenraadsleden alleen, maar een opdracht voor de hele gemeente van Christus. Kortom: pastoraat betekent: verantwoordelijk zijn voor elkaar en er zijn voor een ander, primair binnen de gemeente, maar ook daarbuiten, zodat mensen het gevoel hebben dat ze ervaren dat ze serieus worden genomen.
In pastorale gesprekken probeert men te wijzen op het belang van de kerkdienst, waarin inspiratie, houvast en toerusting geboden wordt en waarin saamhorigheid wordt bevorderd.
De gemeente van Markelo weet zich medeverantwoordelijk voor categoriaal pastoraat zoals het op landelijk niveau geco”rdineerde pastoraat in de krijgsmacht, het gevangeniswezen, onder studenten, onder schippers en zeelieden, en in de zorginstellingen. Omdat deze vormen van pastoraat niet in eigen gemeente voorkomen zal de medeverantwoordelijkheid zich vooral manifesteren in financiële steun en voorlichting aan de gemeente.

5.2. Vormen van pastoraat

Aan de ouderlingen en pastorale medewerkers(sters) is in de eerste plaats de pastorale zorg over de gemeenteleden in hun wijk toevertrouwd. In de praktijk wordt zowel voor de individuele als groepsmatige aanpak gekozen.
Bezoek als:

huisbezoek,

aan zieken thuis en in het ziekenhuis

verjaardag en jubilea, aan nieuw ingekomenen, bij geboorte, doop en belijdenis, en het organiseren van groothuisbezoek waar dat gewenst wordt.

Daar waar nodig en of gewenst zal bezoek door de predikant worden gebracht.

5.3. Beleidsvoornemens

Het stimuleren van activiteiten die de saamhorigheid bevorderen in de meest brede zin van het woord, met specifieke aandacht voor jongeren. Daarbij wordt gedacht aan bezoek aan doopouders, pasgehuwden en nieuw ingekomen gemeenteleden.

Groepen van lotgenoten bij elkaar brengen in praatgroepen. Te denken is hier aan rouwpastoraat, omgaan met werkloosheid en andere problemen. Eventueel in classisverband of in samenwerking met buurgemeenten.

Systematisch pastoraat ontwikkelen voor leden tussen ca. 20 en 40 jaar.

6. VORMING EN TOERUSTING

6.1. Wat is vorming en toerusting?

Vorming en toerusting zijn in de eerste plaats gericht op leren. Het is bedoeld om mensen aan het denken te zetten; hen bagage mee te geven om hun taken naar behoren te kunnen uitvoeren.
Vorming en toerusting helpen bij de gemeenteleden een proces op gang te brengen leidend tot mondigheid en Bijbelskritisch handelen. Vorming en toerusting zijn er ook op gericht gemeenteleden te helpen hun taak als ambtsdrager, commissielid e.d. naar behoren te kunnen uitvoeren.

6.2. Coaching pastorale teams

Voor pastorale coaching en training van de leden van de pastorale teams wordt een beroep gedaan op de predikanten en/of externe deskundigen. Behalve het bespreken van pastorale situaties in de eigen wijk, kunnen op de maandelijkse avonden pastorale technieken, gesprekstechniek en andere methodes en middelen om het pastoraat door ouderlingen en pastorale medewerkers goed te laten verlopen, en daarnaast actuele onderwerpen in kerk en maatschappij aan de orde komen.
De diakenen kunnen bij de pastorale vorming en toerusting betrokken worden en bij die zaken, die op het raakvlak van diaconie en pastoraat liggen.

6.3. Catechese en vorming van gemeenteleden

Aan de predikanten en het catecheseteam is de zorg voor de catechese toevertrouwd. In onderling overleg verdelen zij de verschillende leeftijdsgroepen: 12 tot 15 jaar; 16 jaar en ouder; belijdenisgroep.
De openbare belijdenis van geloof vindt in principe plaats op Palmzondag. Om tot de belijdenis te worden toegelaten, moet de catechisant tenminste 18 jaar zijn en twee jaar catechese hebben gevolgd. Afwijkingen van deze regel in overleg met de kerkenraad.
Een of meerdere gespreks-Bijbelkringen, onder leiding van de predikanten, toegankelijk voor iedereen die daar belangstelling voor heeft, horen bij de vorming van gemeenteleden.

6.4. Schoolcatechese

Een goed contact tussen de kerk en de kinderen op de basisscholen middels het godsdienstonderwijs wordt aanbevolen, omdat geloofsopvoeding ook een zaak is die in het gezin en op school gestalte dient te krijgen. Belangrijk hierbij is dat het godsdienstonderwijs niet alleen door de Protestantse Gemeente te Markelo wordt ondersteund maar dat dit tevens gebeurt vanuit de Gemeente Hof van Twente.
Naast de kerkdienst moeten andere mogelijkheden worden geboden voor toerusting, zodat ouders over hun geloof aan kinderen kunnen vertellen.

6.5. Beleidsvoornemens

Gespreksgroepen en huwelijks- en doopcatechese geven de mogelijkheid te oefenen in geloofsgroei. De voorbereiding en uitwerking zijn grotendeels een verantwoordelijkheid van de predikant, en kan eventueel uitbesteed worden aan mensen van buiten de gemeente.

De deelname van jonge gemeenteleden aan de catechese willen we bevorderen. Hierbij kan ook gedacht worden aan een “vervolg op het doopsgesprek” als de kinderen de leeftijd voor catechese hebben bereikt en/of een nieuwsbrief voor ouders.

We streven naar het opzetten van een commissie “Vorming en toerusting” die een aantal vormings- en bezinningsactiviteiten organiseert. Een jaarlijkse inventarisatie van de wensen en behoeften betreffende dit soort werk binnen de gemeente kan daarbij dienstig zijn.

De beleidsvoornemens 3.7b en 3.7.c zijn ook van toepassing in meer algemene zin voor de gehele gemeente.

7. COLLEGE VAN KERKRENTMEESTERS

7.1. Het college van kerkrentmeesters

Het college van kerkrentmeesters, bestaande uit 5 ouderling-kerkrentmeesters, is door de kerkenraad belast met de zorg voor de materi”le zaken van de kerkelijke organisatie, zodat de opbouw van een levende en actieve gemeente mogelijk is. Om hieraan te kunnen voldoen, voert het college van kerkrentmeesters het beheer over de onroerende zaken van de gemeente en de financiën en ziet er tevens op toe dat goede arbeidsvoorwaarden voor de bezoldigde werknemers gewaarborgd zijn, dit in overeenstemming met de geldende regelingen uit de kerkorde. Bij de benoeming van de leden wordt rekening gehouden met de voor de verschillende taakvelden benodigde deskundigheden.

7.2. De gebouwen

In de eerste plaats is er ons monumentale kerkgebouw, de Martinuskerk. Jaarlijks vindt een inspectie plaats door Monumentenwacht. Zaken die direct ingrijpen verlangen, worden direct uitgevoerd. Het onderhoud van het kerkgebouw is in een 10-jarig onderhouds- en restauratieplan opgenomen. Dit plan is in het leven geroepen om de jaarlijkse onderhouds- en restauratiekosten zoveel mogelijk te spreiden. Tevens geeft dit plan ons de mogelijkheid om subsidie aan te vragen zodat de gemaakte kosten slechts ten dele voor rekening van onze gemeente komen. Daarnaast heeft de gemeente de beschikking over de Martinushof, waarin volop ruimte is voor vergaderingen, rouwdiensten, repetities van koren, bijeenkomsten van verenigingen en andere activiteiten die het kerkenwerk ondersteunen. Ook voor de Martinushof geldt een jaarlijkse inspectie, waarbij deskundigen de toestand van het
gebouw beoordelen.
Ook bij de Martinushof, de twee pastorie”n en de kosterswoning wordt er naar gestreefd de onderhoudskosten zo gelijkmatig over de jaren te verdelen. Daarnaast worden daar waar noodzakelijk maatregelen getroffen om aan de wettelijke eisen zoals ARBO, brandveiligheid, etc. te kunnen voldoen. Dit geldt voor alle gebouwen.
Ten aanzien van pastorie”n zal indien dat nodig is sprake kunnen zijn van verkoop of aankoop of nieuwbouw.
De Martinushof zal worden verbouwd ten einde beter te voldoen aan de eisen en wensen inzake het multifunctioneel gebruik, waarbij in het bijzonder het gebruik als uitvaartcentrum om aanpassingen vraagt.

7.3. Cultuurgronden

De cultuurgronden van de gemeente zijn in eigen beheer. Vrijkomende verpachte gronden worden toegevoegd aan de eigen exploitatie.
In de toekomst kan overwogen worden cultuurgronden te verkopen. Redenen daarvan kunnen zijn het behalen van een beter rendement op vermogen, dan wel alternatieve aanwending van vermogen.

7.4. Salari”ring en sociale voorzieningen

Voor de predikanten geldt dat zij betaald worden volgens daartoe bestaande, meest recente, rechtspositieregeling van de predikant voor gewone werkzaamheden. Bij de bezoldiging van de koster en de administratieve medewerkers, volgt het college van kerkrentmeesters de meest recente regels van de Raad voor de Kerkelijke Medewerkers. Sociale voorzieningen volgen de regels van de P.G.G.M.

7.5. Administratie

De administratie vindt zoveel mogelijk geautomatiseerd plaats. De zorg daarvoor is in eigen beheer. Jaarrapportage en loonadministratie geschieden door van het Kerkelijk Bureau Twente.

7.6. Ledenbestand

Ook onze gemeente ontkomt niet aan de ontkerkelijking, verwacht wordt dat het aantal belijdende leden en doopleden de komende jaren verder in getal zal afnemen. Hier staat tegenover dat nieuwe leden zich veel meer bewust zijn van hun keuze voor de kerk en dat deze groep hierdoor een stabiele factor zal vormen. De omvang van het ledenbestand is van directe invloed op de inkomsten van onze gemeente.

7.7. Ledenadministratie

De ledenadministratie geschiedt in eigen beheer aangevuld met gegevens van SILA en SMRA. De ouderlingen en pastorale medewerkers hebben een kaartenbak van hun wijk, die regelmatig bijgewerkt wordt aan de hand van mutatieformulieren die worden aangeleverd door de ledenadministratie. Het streven is dit systeem in de toekomst te automatiseren, en de gegevens online te beheren en te raadplegen.

7.8. Het kerkblad

Het Markelo”s Kerkblad, verschijnt 10 maal per jaar. Het wordt huis-aan-huis verspreid. Het Markelo”s Kerkblad is voor veel gemeenteleden het informatie- en communicatiemiddel met de kerk bij uitstek. Soms is het zelfs de enige link met de kerk. Wij willen daarom de huis-aan-huis verspreiding continueren.
Jaarlijks wordt er een vrijwillige bijdrage gevraagd voor het kerkblad.

7.9. Het verjaardagsfonds

Gemeenteleden van 21 jaar en ouder krijgen met hun verjaardag een kaart met een gelukwens van de kerk. Voor de aanlevering van de namen en de adressen zorgt het kerkelijk bureau. De verzending is in handen van een vrijwilliger. Voor het verjaardagfonds wordt jaarlijks een vrijwillige bijdrage gevraagd.

7.10. Financiën

Vrijwillige bijdrage aan de actie Kerkbalans. Het leeuwendeel van de inkomsten van onze gemeente komt van deze actie.

Uitvaartdiensten: voor hen die bij leven in redelijkheid hebben bijgedragen, is dit zonder kosten. Voor de nabestaanden van anderen zal een bijdrage gevraagd worden. De beoordeling hiervan is aan het college van kerkrentmeesters.

De Martinushof heeft een aparte exploitatie. In principe betaalt de gebruiker huur. De huurders zijn:
– Kerkelijke verenigingen met 100% subsidie van het college van kerkrentmeesters.
– Niet kerkelijke verenigingen (geen of gedeeltelijk subsidie).
– Begrafenisvereniging volgens afspraak.
– Gemeentebestuur (beschikbaarheid aula).

Incidentele giften

Rente

Exploitatie grond

Collectes

7.11. Beleidsvoornemens

Om aan alle verplichtingen en wensen binnen de gemeente te kunnen voldoen, zal de jaarlijkse bijdrage van de gemeenteleden aan de actie kerkbalans, structureel moeten stijgen. In de afgelopen jaren is het bedrag uit de actie kerkbalans gestegen. De ontwikkeling van het ledenbestand leidt echter tot een druk op de inkomsten uit de actie kerkbalans, zodat in de komende jaren rekening gehouden moet worden met een stabilisatie van de inkomsten Hiermee zal in de meerjarenbegroting rekening gehouden moeten worden.

Daar waar mogelijk zullen voor bepaalde projecten subsidies worden aangevraagd. Het samen een gemeente vormen is een van de belangrijkste pijlers voor een stabiele financiële positie. Het streven is om deze gedachte de komende jaren te propageren.

Beleid ten aanzien van pastorie: op passende momenten, rekening houdend met de wensen van de predikanten, afstoten en mogelijk opteren voor nieuwbouw.

In de toekomst kan overwogen worden cultuurgronden te verkopen. Redenen daarvan kunnen zijn het behalen van een beter rendement op vermogen, dan wel alternatieve aanwending van vermogen.

De Martinushof zal worden verbouwd ten einde beter te voldoen aan de eisen en wensen inzake het multifunctioneel gebruik, waarbij in het bijzonder het gebruik als uitvaartcentrum om aanpassingen vraagt.

Uitgave in eigen beheer
Protestantse gemeente te Markelo
Kerkplein 41, 7475 AE Markelo

naar kerk home pagina